Duur van het tijdskrediet
Maximumduur van het recht op tijdskrediet
In principe bedraagt de maximumduur voor het tijdskrediet een jaar over de gehele loopbaan.
Deze duur kan op twee manieren verlengd worden:
- Een collectieve arbeidsovereenkomst op het niveau van de sector verlengt de duur tot maximum 5 jaar. De meeste sectoren hebben dit recht verlengd tot 2, 3 of 5 jaar.
Opgelet : er zijn dikwijls bijkomende voorwaarden voorzien in deze sectorale overeenkomsten (dikwijls, anciënniteit in de onderneming) om te kunnen genieten van deze verlengingen na het eerste jaar. Het is dus belangrijk de nodige inlichtingen in te winnen bij uw ACLVB-secretariaat om te weten welke deze bijzondere bepalingen zijn. - Tenzij de sectorale overeenkomst dit verbiedt [hetgeen zelden voorkomt, maar het geval is voor paritair comité nr. 105 (non-ferro metalen), en nr. 224 (bedienden non-ferro metalen)], kan een collectieve arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak de duur op maximum 5 jaar brengen.
Belangrijke opmerking
Sinds de wijziging ingevoerd door het koninklijk besluit van 8 juni 2007 zal er in geval van volledige schorsing van prestaties niet altijd een uitkering tijdskrediet worden betaald.
Verrekenen van bepaalde loopbaanonderbrekingen
Bepaalde loopbaanonderbrekingen die in het kader van de wet van 22 januari 1985 opgenomen werden, dienen te worden verrekend met deze maximumduur van een jaar of langer :
- volledige schorsingen van de prestaties
- halftijdse prestatieverminderingen.
De periodes van loopbaanonderbreking genomen binnen het kader van de thematische verloven (ouderschapsverlof, verlof palliatieve zorgen en verlof in geval van zware ziekte van een gezins- of familielid) worden niet afgehouden van deze maximumduur.
Voorbeeld
Een arbeider uit de metaalbouw (PC 111) beschikt over een maximumduur van 3 jaar tijdskrediet. Hij heeft reeds één jaar volledige loopbaanonderbreking genoten in 1995 en nog eens 6 maanden halftijdse prestatievermindering in 1997. Hij kan dus nog aanspraak maken op 1 jaar en 6 maanden tijdskrediet.
Minimumduur tijdskrediet
De minimumduur die kan worden opgenomen is 3 maanden zowel voor de volledige schorsing als voor de overgang naar halftijds.
Soms voorzien sectorale overeenkomsten na het eerste jaar in de verplichting om per halfjaar of zelfs per jaar op te nemen: dat is onder meer het geval in de scheikundige sector (PC’s nrs 116 en 207), in de petroleumsector (PC's nrs 117 en 211) of ook bijvoorbeeld in de textielsector (PC’s nrs.120 en 214).
