Crisisuitkering voor bedienden
In de strijd tegen de crisis heeft de regering beslist dat ook voor bedienden de arbeidsovereenkomst tijdelijk kan worden geschorst (vergelijkbaar met de economische werkloosheid voor arbeiders). Voor de dagen van schorsing heeft de bediende recht op een ‘crisisuitkering’.
Tot wanneer is de regeling van toepassing ?
Deze maatregel kan in principe toegepast worden tot en met 31 december 2009 maar kan verlengd worden tot eind juni 2010 als de economische situatie dat rechtvaardigt.
Welke ondernemingen kunnen zich op deze maatregel beroepen ?
Om zich op deze crisismaatregel te kunnen beroepen moeten volgende criteria vervuld zijn :
- de onderneming valt onder toepassing van de cao-wet (dus voornamelijk de privésector);
- de onderneming is in moeilijkheden door een daling van minimum 20% van de omzet of de productie (in één van de 4 kwartalen voorafgaand aan de schorsing
- vergeleken met hetzelfde kwartaal van het jaar voordien) of als gevolg van een graad van tijdelijke werkloosheid van de arbeiders van minstens 20%;
- de crisismaatregel is voorzien in een sectorale cao, een bedrijfscao of een goedgekeurd ondernemingsplan.
Welke verplichtingen heeft de werkgever ?
- De werkgever moet (ten minste 14 dagen vóór de kennisgeving aan de werknemers) aan de RVA bewijzen dat bovenstaande voorwaarden vervuld zijn, aan de hand van een specifiek formulier: CRISISWET-1.
- De werkgever moet de werknemers minstens 7 dagen op voorhand op de hoogte brengen van de schorsing van de arbeidsovereenkomst (via affichering in de onderneming of via schriftelijke kennisgeving aan de bediende). Ook aan de RVA moet de kennisgeving gebeuren (elektronisch). Bovendien moet de werkgever de ondernemingsraad of de vakbondsafvaardiging informeren.
- De werkgever moet de nodige documenten afleveren aan de bediende (controlekaart C3.2A en C3.2-WERKGEVER-CRISISUITKERING) en een validatieboek bijhouden (met de nummers van de controlekaarten).
- De werkgever moet een bijkomende vergoeding (voorzien in een cao of ondernemingsplan) bovenop de crisisuitkeringen betalen.
Welke schorsingsregelingen kunnen worden ingevoerd ?
Er kan een volledige of gedeeltelijke schorsing (met minstens 2 arbeidsdagen per week) voorzien worden.
De crisisschorsing is slechts mogelijk binnen bepaalde grenzen (per kalenderjaar) :
- de volledige schorsing mag maximaal 16 kalenderweken duren;
- de gedeeltelijke schorsing kan maximaal 26 kalenderweken duren.
Een combinatie van beide regelingen is ook mogelijk : 2 weken gedeeltelijke schorsing tellen dan voor 1 week volledige schorsing.
Opmerkingen
- De crisisschorsing kan pas ingaan na uitputting van de volledige dagen inhaalrust.
- De schorsing moet betrekking hebben op alle arbeidsuren die voor die dag voorzien zijn. Een bediende kan dus niet voor een halve dag tijdelijk werkloos worden gesteld indien hij normaal die dag een volledige dag werkt.
- De schorsingsregeling kan echter verschillend zijn van bediende tot bediende.
- De volledige schorsing gaat in principe in op maandag. Gaat de schorsing pas in de loop van de week in, dan telt deze onvolledige week ook mee als 1 kalenderweek voor het bepalen van de maximumduur van de schorsing.
- De werkgever kan steeds enkele of alle bedienden terugroepen. Hoe die terugroeping dient te gebeuren wordt op ondernemingsvlak geregeld. De bediende maakt (vooraleer de arbeid te beginnen) de gewerkte dagen zwart op het formulier C3.2A. (Heeft de terugroeping betrekking op een volledige kalenderweek, dan kan de werkgever dit op voorhand meedelen aan de RVA, zodanig dat het krediet niet verder wordt uitgeput).
- De regeling is ook van toepassing voor deeltijdse werknemers (al dan niet met inkomensgarantie-uitkering) en voor werknemers in een ACTIVA-regeling.
Heb je recht op de crisisuitkering ?
De bediende heeft onmiddellijk recht op de uitkeringen (zonder dat er een bepaald aantal arbeidsdagen moet worden bewezen).
Tijdens de duur van de werkloosheid moet je aan bepaalde voorwaarden voldoen. Je moet onder andere arbeidsgeschikt zijn, in België verblijven, je controlekaart bij je houden en correct invullen, enz…
Hoeveel bedraagt de crisisuitkering ?
Je krijgt :
- ten laste van de RVA een vergoeding die overeenkomt met 70 of 75 % van het laatste loon (rekening houdend met een loongrens van € 2.206,46)
gezinscategorie | % | min./dag | max./dag |
samenwonende | 70 | € 23,93 | € 59,40 |
alleenstaande | 75 | € 31,93 | € 63,65 |
gezinshoofd | 75 | € 38 | € 63,65 |
- en een aanvulling ten laste van de werkgever (die is minstens gelijk aan het supplement dat hij toekent aan zijn arbeiders die werkloosheidsuitkeringen genieten in het kader van economische werkloosheid).
Je ontvangt geen crisisuitkering voor :
- feestdagen gelegen in een periode van crisisschorsing;
- dagen waarop je arbeidsongeschikt bent : je ontvangt hiervoor gewaarborgd loon of een ziekteuitkering.
Op de crisisuitkering wordt een bedrijfsvoorheffing van 10,09 % toegepast. Op het supplement dat de werkgever betaalt is geen bedrijfsvoorheffing verschuldigd, maar deze bedragen worden uiteindelijk wel belast.
De werkgever is loon verschuldigd :
- indien hij de formaliteiten inzake kennisgeving van de voorziene schorsing ten opzichte van de RVA laattijdig verricht : gedurende 7 dagen
- indien hij nalaat de kennisgeving aan de RVA te doen : gedurende de periode van de schorsing
- indien de toegelaten maximumduur overschreden wordt : voor de periode van overschrijding
Van uitkeringsaanvraag tot betaling
- Bij de eerste schorsing ontvang je van je werkgever een formulier C3.2-WERKGEVER-CRISISUITKERING * (dat je nodig hebt om je uitkeringen aan te vragen).
- Je meldt je bij je ACLVB-secretariaat om een uitkeringsaanvraag in te dienen. Hiervoor heb je volgende documenten nodig :
- de C3.2-WERKGEVER-CRISISUITKERING *
- een formulier C3.2-WERKNEMER **
- een formulier C1 ** waarop je je adres, rekeningnummer, gezinssituatie, bijberoep, enz… vermeldt.
- Voorafgaand aan de eerste schorsingsdag van de maand moet de werkgever je een formulier C3.2A bezorgen (dit is je controlekaart). Deze controlekaart moet je steeds bij je houden en vanaf de eerste voorziene werkloosheidsdag correct invullen (vakjes zwartmaken vooraleer je het werk aanvat, Z plaatsen bij ziekte, V bij vakantie, enz…)
- Na het einde van de maand bezorgt je werkgever je een extra formulier C3.2-WERKGEVER-CRISISUITKERING * dat als bewijs van schorsing geldt en waarop het aantal werkloosheidsuren in de loop van de maand wordt vermeld.
- Na het einde van elke maand moet je de C3.2-WERKGEVER-CRISISUITKERING * samen met je (correct ingevulde) formulier C3.2A indienen bij je ACLVB-secretariaat.
- Na ontvangst van deze documenten kunnen wij je uitkeringen betalen. Ook je werkgever moet je het aanvullende bedrag (voorzien in cao of ondernemingsplan) betalen.¨
* Vanaf 1 oktober 2009 kan de werkgever de aangifte ook elektronisch doen → in dat geval moet je enkel je controlekaart C3.2A indienen bij je ACLVB-secretariaat.
** Beschikbaar in je ACLVB-secretariaat.
Andere formaliteiten tijdens de schorsing
Je moet een nieuwe uitkeringsaanvraag indienen (en het bedrag van je uitkering kan herzien worden) :
- als je wekelijkse arbeidsduur wijzigt;
- als je van werkgever bent veranderd.
(Anders dan bij tijdelijke werkloosheid van arbeiders, kan het bedrag van de uitkering niet herzien worden bij de eerste werkloosheidsdag volgend op 30 september.)
Wil je je bijberoep uitoefenen tijdens je werkloosheid, dan moet je dit aanvragen aan de RVA die zijn toestemming moet verlenen. Ook vrijwilligerswerk moet je op voorhand aangeven aan de RVA.
Wijzigt je gezinsituatie of verander je van adres in de loop van je werkloosheid, oefen je een bijberoep uit, enz… dan moet je dit via je ACLVB-secretariaat aangeven aan de hand van een formulier C1.
Aarzel niet je ACLVB-secretariaat te contacteren voor meer informatie ! Als je nalaat bepaalde formaliteiten te verrichten, kan je immers je recht op uitkeringen verliezen.
Kan je arbeidsovereenkomst worden stopgezet ?
Tijdens de volledige of gedeeltelijke schorsing van de arbeidsovereenkomst, kan je zelf het contract beëindigen, zonder dat je een opzegtermijn moet respecteren. Als je al een opzegtermijn aan het presteren bent, dan loopt deze verder tijdens de schorsing.
Ook de werkgever kan de arbeidsovereenkomst opzeggen, hij moet echter de normale opzegtermijnen respecteren. Had de werkgever reeds vóór de schorsing de arbeidsovereenkomst opgezegd, dan loopt de opzegtermijn niet door tijdens de schorsing.
Nog geen ACLVB-lid ?
Vul het aansluitingsformulier in of bezorg het formulier uit de folder ingevuld aan het secretariaat van uw keuze.
Download folder crisisuitkering bedienden
|
folder_crisisuitkering_bedienden.pdf Folder crisisuitkering voor bedienden |
Download folder crisisuitkering bedienden (Engels)
|
leaflet-crisis-unemployment-benefits.pdf Leaflet crisis unemployment benefits |



