banner-securite-sociale_0.jpg

De welvaartstaat vrijwaren en verbeteren

21/04/2022 - 15u

Om uw standpunt over de sociale zekerheid te kennen heeft de ACLVB vijftien zonale platforms georganiseerd, verspreid over heel het land. Tussen 11 februari en 18 maart ondernam Nationaal Secretaris Sabine Slegers, samen met specialisten van onze dienst Sociale Zekerheid en de dienst Werkloosheid, een ware pelgrimstocht om uit te leggen wat er op het spel staat bij de hervorming van ons socialezekerheidsstelsel en om te luisteren naar uw opmerkingen en standpunten. De samenvatting van die platforms heeft ze voorgesteld tijdens het Nationaal Comité op 1 april.

In de vijftien zonale platforms is levendig en vurig gedebatteerd. Het onderwerp laat duidelijk niemand onverschillig. Twee jaar pandemie hebben ons doen beseffen hoe belangrijk het is een vervangingsinkomen (tijdelijke werkloosheidsuitkeringen) te verschaffen aan al degenen die daarvan verstoken bleven en de beste zorg te waarborgen voor degenen die door corona werden getroffen. Gedurende een korte periode is in de meeste geïndustrialiseerde landen een beleid gevoerd om de economie te redden, "koste wat kost". De belangrijkste uitdaging blijft echter het evenwicht tussen de financiële inkomsten en de uitgaven voor de sociale zekerheid. Dat evenwicht staat nog meer onder druk naarmate de bevolking vergrijst.
 

Sociale engineering

Twee groeiende tendensen ondermijnen de inkomsten: alternatieve vormen van werk en alternatieve vormen van verloning. Kortweg gaat het enerzijds om platformarbeid, flexijobs, studentenarbeid, enz., en anderzijds om cafetariaplannen, bedrijfswagens, aandelen, cao 90, enz. In alle gevallen gaat het erom de betaling van socialezekerheidsbijdragen geheel of gedeeltelijk te vermijden, teneinde het netto-inkomen te verhogen en tegelijkertijd de loonkost voor de werkgever te verlagen.
Wat de betrokken werknemers niet beseffen, is dat hun sociale rechten daardoor worden ingeperkt. Werkloosheidsuitkeringen, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden berekend op basis van het brutosalaris. Erger nog, gelegenheidswerknemers en flexwerkers hebben meestal geen recht op tijdelijke werkloosheid, wat in tijden van gezondheidscrisis dramatisch is gebleken.
 

Pragmatisch blijven

Uit een studie van SD Worx blijkt dat ten minste 6,7 miljard euro aan werknemers is toegekend in de vorm van alternatieve verloningen. In tegenstelling tot onze collega's van het ACV en het ABVV die luidkeels te kennen geven dat alle uitzonderingen moeten worden afgeschaft (terwijl hun afgevaardigden daarover onderhandelen in de sectoren en bedrijven), geven wij toe dat ze tegemoetkomen aan behoeften. Wij zijn pragmatisch en we durven zaken te benoemen. Studenten moeten kunnen werken, werknemers moeten een aanvullend pensioen of een hospitalisatieverzekering kunnen blijven krijgen … op voorwaarde dat de cumulatie de financiering van de sociale zekerheid niet in het gedrang brengt.

Anderzijds dringt de ACLVB aan op het opheffen van de nepstatuten. Voltijdse arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd moeten de norm blijven. Het inschakelen van bijvoorbeeld stagiairs, uitzendkrachten, flexi-jobbers en studenten dient te worden beperkt, bijvoorbeeld door de toepassing van sociale ratio's, d.w.z. een systeem van verhoogde of verlaagde socialezekerheidsbijdragen naargelang de werkgever misbruik maakt van andere vormen van arbeidsovereenkomsten of er redelijk gebruik van maakt.
 

De wettelijke pensioenen betalen

Er zullen steeds meer gepensioneerden komen, ondanks de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd van 65 naar 67 jaar. Het idee dat wettelijke pensioenen binnenkort
onbetaalbaar zullen zijn, is op grote schaal verspreid om de mensen bang te maken, terwijl onze Belgische pensioenen tot de laagste van West-Europa behoren. Karine Lalieux, minister van Pensioenen, heeft een voorstel voor pensioenhervorming uitgewerkt.

Die zou in 3 fasen moeten gebeuren. Een eerste fase is reeds uitgevoerd en heeft geleid tot een betere minimumbescherming door onder meer een gefaseerde verhoging van het gewaarborgd minimumpensioen. Een tweede fase richt zich op het einde van de loopbaan en op het bieden van positieve vooruitzichten aan alle werknemers. Het omvat onder meer hervormingsvoorstellen betreffende de toegangsvoorwaarden tot het vervroegd pensioen en tot het minimumpensioen, de invoering van een pensioenbonus en de mogelijkheid om met halftijds pensioen te gaan. De derde fase zou opgestart moeten worden binnen een hervormd Nationaal Pensioencomité. De thema’s die in dit comité aan
bod zouden moeten komen zijn: de verhoging van de vervangingsratio’s, de veralgemening van het aanvullend pensioen en de modernisering van de gezinsdimensies.
 

Voorstellen

In afwachting van een grondig en ernstig overleg over de toekomst van onze pensioenen vraagt de ACLVB een verhoging van alle pensioenuitkeringen, vooral van de laagste. Overeenkomstig het verzekeringsprincipe (ik draag bij en ik bouw dus rechten op) willen wij dat de pensioenen worden berekend op basis van 65% van het loon in plaats van 60%.

Het recht op een minimumpensioen moet na 20 jaar worden geopend, waarbij rekening wordt gehouden met alle vormen van arbeid, ongeacht het statuut. Uiteraard eisen wij dat de gelijkgestelde (niet-gewerkte) periodes worden gevrijwaard bij de berekening van het pensioen. Een loopbaan van 42 gelijkgestelde of effectief gewerkte jaren moet volstaan om recht te geven op een pensioen, met een correctie voor zware beroepen. In het kader van werkbaar werk verzoekt de ACLVB de regering een pensioenbeleid te
voeren dat gepaard gaat met een eerlijk beleid omtrent SWT, landingsbanen en zware beroepen.

Ten slotte vraagt de ACLVB, met behoud van het wettelijk pensioen, de verdere democratisering van het aanvullend pensioen.
 

Gezondheidszorgen

Bij het opzetten van het socialezekerheidsstelsel in 1944 heeft men ervoor gekozen de uitgaven voor de gezondheidszorgen te financieren via sociale bijdragen. De ACLVB roept op tot een terugkeer naar een gezondheidszorgsysteem dat iedere burger gelijke toegang biedt tot kwaliteitsvolle zorg en dat de levenskwaliteit waarborgt. Wij zijn van mening dat er meer inkomsten via de alternatieve financiering rechtstreeks naar de gezondheidszorgen moeten gaan. De uitgaven voor de gezondheidszorg zijn immers zorgkosten voor elke burger, los van zijn of haar "arbeidsstatuut". De overheid moet haar verantwoordelijkheid nemen via een rechtvaardig belastingstelsel door middel van haar tussenkomsten in de financiering van de sociale zekerheid.
 

Arbeidsongeschiktheid

De ambitie van de regering-Michel om 10 000 langdurig zieken weer aan het werk te krijgen is mislukt: 68% van de re-integratietrajecten leidt tot een besluit van ongeschiktheid voor het overeengekomen werk en ook voor ander werk, het leidt zelfs niet eens tot aangepast werk. Niet alleen doen de werkgevers geen moeite om de werknemers te re-integreren, maar ze ontslaan hen vaak ‘wegens medische overmacht’, zonder vergoedingen. De ACLVB dringt aan op verregaande wijzigingen in de wetgeving inzake re-integratie. Het is van essentieel belang dat de mogelijkheden om een beroep te doen op medische overmacht worden beperkt. De procedure moet gebaseerd zijn op  vrijwilligheid.

De werknemer, de werkgever en de arbeidsarts moeten nauwer samenwerken om de re-integratie een grotere kans op slagen te geven.
 

Werkloosheidsuitkeringen

De ACLVB verwerpt het idee van een beperking in de tijd van de werkloosheidsuitkeringen, die de mensen er alleen maar toe dwingt een beroep te doen op het OCMW of … uit de statistieken te verdwijnen. Wij eisen het terugschroeven van de verstrengde degressiviteit voor werkloosheidsuitkeringen, evenals het terugschroeven van de beperking in tijd voor inschakelingsuitkeringen en de herinvoering van de leeftijdsgrens van 30 jaar. We pleiten voor een betere, op maat gesneden begeleiding van werkzoekenden in hun zoektocht naar werk, waarbij de focus wordt verlegd van sanctie naar beloning en uitzicht op werk.
 

Arbeidsongevallen en beroepsziekten

De ACLVB wil dat het slachtoffer van een arbeidsongeval of beroepsziekte (of zijn of haar rechthebbenden) een burgerlijke procedure kan voeren tegen de werkgever indien die een ernstige fout heeft begaan die het ongeval of de beroepsziekte heeft veroorzaakt. Idealiter zou iedere werkgever prioriteit moeten geven aan de preventie van ongevallen en ziekten overeenkomstig de bepalingen van de wet welzijn op het werk.

De ACLVB vraagt dat mensen die via digitale platforms werken ook toegang hebben tot adequate sociale bescherming en dat er een manier wordt gevonden om voldoende rechtszekerheid te bieden aan leerlingen en stagiairs.
 

Correcte uitkeringen

Het verzekeringsprincipe en solidariteitsprincipe kenmerken het Belgische socialezekerheidsmodel, maar vereisen wel een onderling evenwicht. Dat evenwicht is verstoord. Het verzekeringsprincipe wordt niet meer volledig gerespecteerd aangezien het bedrag van de sociale bijdragen wordt berekend op basis van een begrensd loon, en niet langer op basis van het totale brutoloon. De ‘grootverdieners’ vinden dat zij te veel betalen voor de anderen en dat het solidariteitsbeginsel de bovenhand heeft. De verleiding om een  beroep te doen op privéverzekeringen is groot. Aan het andere eind liggen de laagste uitkeringen onder de armoedegrens. Ook het solidariteitsbeginsel wordt niet geëerbiedigd.

De ACLVB dringt daarom aan op een verhoging van het vervangingspercentage van de uitkeringen ten opzichte van het gederfde loon en op een verhoging van de loonplafonds in de berekening van de uitkeringen. Tegelijkertijd wil de ACLVB een automatisch mechanisme om ervoor te zorgen dat alle uitkeringen altijd ten minste 60% van het mediaaninkomen bedragen en een (opwaartse) herziening van de armoedegrens.

Kies een ACLVB-secretariaat bij u in de buurt voor de beste service ::
Of zoek uw secretariaat via de kaart