Nationaal congres van de Liberale Vakbond wil volgend federaal regeerakkoord sociaal-liberaal kleuren

14/12/2018 - 12u

Onder het motto ‘We kleuren sociaal-liberaal’ bracht de ACLVB een duizendtal afgevaardigden deze morgen samen in Brussels Expo voor een statutair congres. De congresleden stemden voor het memorandum om het volgend federaal regeerakkoord een socialere koers te laten varen. Mario Coppens, Nationaal Voorzitter ACLVB: “Afgelopen regeerperiode was jammer genoeg allesbehalve sociaal-liberaal. De ACLVB geeft nu reeds met concrete voorstellen duidelijk aan hoe de politici een volgend regeerakkoord meer sociaal-liberaal kunnen kleuren en waarom dit noodzakelijk is.”

De sociaal-economische visie van ACLVB voor de periode 2020-2025 omvat 9 delen: respect voor het sociaal overleg, voldoende koopkracht, kwaliteitsvolle jobcreatie, duurzamere loopbanen, een betrouwbare sociale zekerheid, een rechtvaardige fiscaliteit, een productieve en inclusieve economie, een duurzaam mobiliteitsbeleid en bescherming van de consument. 

De Liberale Vakbond lanceerde in totaal meer dan 130 beleidsvoorstellen. Naast belangrijke voorstellen om de financiering van de sociale zekerheid te laten steunen op twee pijlers en het voorstel van de progressieve duale inkomstenbelasting, kwam de ACLVB ook naar buiten met nog enkele andere vernieuwende ideeën:
 

Werknemersdividend om extra koopkracht op maat van werknemers en bedrijven toe te kennen

De loonnormwet houdt de evolutie van onze lonen strikt in het gareel. Volgens artikel 14 van diezelfde wet kunnen ook maatregelen genomen worden voor een gelijkwaardige matiging van overige inkomens zoals dividenden, huurprijzen en honoraria. Voor de ACLVB moet echter ook de omgekeerde richting mogelijk worden: een gelijkwaardige stijging. 

Concreet vraagt de ACLVB een wijziging van dat artikel 14 waardoor ook de invoering van een werknemersdividend mogelijk wordt. Een procentuele stijging van de uitgekeerde dividenden die de loonnorm overschrijdt, moet voor de werknemers van deze bedrijven automatisch aanleiding kunnen geven tot een niet-recurrente bonus onder  de vorm van een werknemersdividend. Om te vermijden dat men dit soort bonussen zou toekennen als een vervanging van bruto loonsverhogingen, zou de maximale loonmarge steeds eerst volledig ingevuld worden vooraleer werknemersdividenden toegekend worden. Zowel dit werknemersdividend als bonussen die worden toegekend in het kader van cao 90, moeten uitgesloten worden bij de berekening van de loonkloof. De toekenning hiervan mag de volgende loonmarge niet verkleinen.
 

Sociale ratio’s om onvrijwillig deeltijds werk, tijdelijke contracten en uitzendarbeid te ontmoedigen

De sociale partners zouden op sectorniveau de definitie van precaire arbeid moeten kunnen bepalen. Op basis van die sectorale definitie zou een bovengrens en ondergrens vastgelegd worden die bepaalt wat een aanvaardbaar of onaanvaardbaar gebruik is  van precaire contracten in de sector. Jaarlijks berekent men voor elke onderneming de sociale ratio’s. Ondernemingen die dan teveel personen tijdelijk, onvrijwillig deeltijds of op interimbasis tewerkstellen, zouden een hogere patronale RSZ-bijdrage betalen. Bedrijven die het net goed doen, betalen minder patronale bijdrage per werknemer. In het geval van een positief saldo op sectorniveau, kan een sectorfonds dit gebruiken om kwetsbare doelgroepen door middel van opleidings- en tewerkstellingsprojecten aan een voltijdse betrekking te helpen.
 

Grootouderschapsverlof om loopbanen duurzamer te maken

De groeiende generatie ‘grootouders op het werk’ zijn niet meer in staat om de ouders van hun kleinkind te ondersteunen of een sterke familiale band met hun kleinkinderen op te bouwen.  Daarom vraagt de ACLVB een nieuw motief binnen het stelsel van  het gemotiveerd tijdskrediet nl. het grootouderschapsverlof.


Duurzame mobiliteitsbonus in de personenbelasting om duurzaam vervoer extra te stimuleren

Werknemers die per fiets, te voet of met het openbaar vervoer naar het werk gaan, zouden kunnen genieten van een belastingvermindering van 100 euro op jaarbasis. Voor het openbaar vervoer zouden geen specifieke voorwaarden gelden. Voor fietsers en voetgangers is er wel sprake van een minimale hoeveelheid aan duurzame verplaatsingen op jaarbasis waarbij er rekening gehouden wordt  met de woon-werkafstand.

Kies een ACLVB-secretariaat bij u in de buurt voor de beste service ::
Of zoek uw secretariaat via de kaart