Wet van 1996 moet herzien worden om IPA weer van betekenis te maken

17/06/2021 - 13u

De wet op de preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen verhindert elke serieuze loondiscussie onder sociale partners. De werkgevers hebben er geen enkel belang bij te onderhandelen, zozeer is de berekeningswijze van de loonmarge voordelig voor ze. Temeer omdat in geval van onenigheid het de regering is die de knoop doorhakt … in het voordeel van de werkgevers.

De wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen werd ontwikkeld in een economische context die sterk verschilt van de onze. Ze werd reeds herzien in 2017 door de regering-Michel, bekend om  haar werkgeverssympathieën, wat de zaak van de werknemers niet heeft geholpen. De wet creëert belemmeringen voor de onderhandelingen over een interprofessioneel akkoord tussen vertegenwoordigers van werkgevers en van werknemers.

Indicatieve norm

De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven berekent de vermoedelijke evolutie van de lonen in drie landen, Frankrijk, Duitsland en Nederland, om een stijgingsmarge vast te stellen voor de lonen in België, bovenop de automatische indexering. Aan vakbondszijde betwisten wij die, met andere woorden: we willen ze overschrijden in sectoren en ondernemingen die winst maken. De regering en de werkgeversfederaties zeggen dat het een maximum is dat niet mag worden overschreden. Welnu, dit jaar heeft de regering, vanwege de coronacrisis, toestemming gegeven voor onderhandelingen over een eenmalige premie van 500 euro bovenop de marge.

Vervormde berekening

De berekening van de CRB stelt een probleem, in die zin dat met bepaalde parameters rekening moet worden gehouden en met andere niet. De lastenverlagingen en andere subsidies die werkgevers genieten, worden niet in aanmerking genomen, hoewel zij de arbeidskost kunstmatig drukken. De regering-Michel heeft een veiligheidsmarge opgelegd die op de loonmarge weegt.

Evenmin wordt rekening gehouden met de verschillen in productiviteit tussen de diverse landen. Volgens de OESO ligt de productiviteit van een Belgisch werknemer 11% hoger dan die van een Frans werknemer, 13% hoger dan die van een Nederlands werknemer en 18% hoger dan die van een Duits werknemer. Uiteindelijk komt dit neer op appels met peren vergelijken.

Contraproductieve wet

Economen zijn het erover eens dat deze wet ons land berooft van de economische stimulans die uitgaat van de binnenlandse consumptie. Ze
reduceert het concurrentievermogen van een economie tot een loonkost die aantrekkelijk is voor investeerders, want gematigd. Een te lage arbeidskost zet werkgevers er niet toe aan te investeren in onderzoek en ontwikkeling of in innovatie, en zet de overheid er niet toe aan te investeren in onderwijs en beroepsopleiding.

Onderhandelingsvrijheid

Ondernemingen die geen deel van hun winst boven de loonmarge aan de werknemers kunnen toekennen, hebben nog steeds de mogelijkheid om te investeren of personeel in dienst te nemen, maar geven er gewoonlijk de voorkeur aan dividenden aan hun aandeelhouders en bestuurders uit te keren.

Bij de ACLVB willen wij de onderhandelingsvrijheid van de sociale partners terugwinnen. Wij zijn van mening dat onze mandatarissen en afgevaardigden verantwoordelijk genoeg zijn om te weten hoe ver zij kunnen onderhandelen zonder de werkgelegenheid in de bedrijven in gevaar te brengen.

Kies een ACLVB-secretariaat bij u in de buurt voor de beste service ::
Of zoek uw secretariaat via de kaart